Reisverslag Myanmar (2007)

Tijdens het plannen van een volgende Aziatische reis kwam ik terecht in het voorheen voor toeristen "gesloten" Myanmar, het vroegere Birma. Dit gegeven en het feit dat het een buurland van Thailand is en er een geweldige geschieden tussen deze twee landen bestaat, was voor mij aanleiding om dit land nader te leren kennen. Na divers speurwerk leek het me beter om niet als backpacker te gaan maar mij aan te sluiten bij een georganiseerde reis. Het land was nog niet echt open en er waren diverse beperkingen voor toeristen. Vanuit mijn winterverblijf in Thailand vloog ik op 10 januari op eigen gelegenheid met Air Asia naar Yagon, het vroegere Rangoon, de hoofdstad van Myanmar wat ik na 1 vlieguur bereikte. Voorheen was Myanmar een kolonie van Frankrijk en het was in die periode een der rijkste landen van Azië.



Vanuit de eenvoudige vlieghaven bracht een taxi mij snel naar het hotel waar inmiddels ook de groep uit Nederland was gearriveerd, waarmee ik meteen ging kennismaken. De eerste dagen gebruikten we om Yangon te verkennen. De grootste bezienswaardigheid en voor de Birmese boeddhisten de meest heilige plaats in het land is de werkelijk schitterende Shwedagon Pagode. Deze 2500 jaar oude, geheel met bladgoud bedekte pagode torent hoog boven de stad uit. Rondom de pagode bevinden zich op een groot platform vele wandelgalerijen waaraan talloze offerplaatsen, schrijnen en tempeltjes gelegen zijn. Het is prachtig om te zien hoe hier de monniken en honderden gelovigen bezig zijn met hun dagelijkse rituele handelingen.



In het centrum van de stad bezoeken we ook de 2000 jaar oude Sule Pagode die 46 meter boven het stadsverkeer uittorent. De pagode is een drukke ontmoetingsplaats waar een groot deel van het dagelijks leven zich afspeelt. We bezoeken een plaatselijke markt en genieten in een tea-shop langs de weg, gezeten op houten stoeltjes aan lage tafeltjes van het heel aparte straatleven. De markt is voornamelijk straathandel en biedt ons ongekende voorhistorische beelden.



We lopen langs de haven aan de Yangon rivier en zien hier de drukke aan- en afvoer van allerlei handel met voornamelijk zakken rijst. Ook zie ik hier het vervaardigen en aan de man brengen van betelnoot wat hier erg verslavend is. De gebruikers spuwen het rode spul tijdens en na gebruik gewoon op straat. Ook stuiten we op het merkwaardige fenomeen dat voornamelijk vrouwen en kinderen hier met wit geplamuurde gezichten rondlopen.



Op de terugweg naar ons hotel gaan we in een uitstallinkje langs de weg van een zoet maar heerlijk suikerrietdrankje genieten, wat ter plekke uit het suikerriet wordt geperst. Een heerlijke en typisch Aziatische ervaring.



We maken de volgende dag een lange treinreis naar het zo'n 600 km. noordelijker gelegen Mandalay waar heerlijke luxe stoelen zorgden voor een comfortabele rit.



Mandalay is de tweede grote stad van Myanmar en heeft als markante punt de Mandalay Hill op 230 meter hoogte. Er zijn vier toegangen tot de heuvel waarvan we er een gebruiken en middels lange steile trappen langs verschillende pagodes lopen. Op de top genieten we van een prachtig uitzicht over de stad met zijn vele pagodes, het Mandalay paleis en de Irrawaddy-rivier. 's-Middags bezoeken we in de stad verschillende oude ambachten zoals goudslagers, steen- en beeldhouwers, houtsnijders, koper- en zilversmeden en katoen- en zijdewevers. We worden op deze manier geconfronteerd met oude ambachten uit voor ons vervlogen tijden maar wat hier nog tot de dagelijkse bezigheden behoord.. De andere dag gaan we met de boot naar de overkant van de Irrawad rivier naar Mingun, een klein plaatsje. Vanaf de boot zagen we de Mingun Pagode, wat ooit de grootste Pagode ter wereld had moeten worden maar door een reeks aardbevingen behoorlijk werd beschadigd en nooit meer is afgebouwd.





In Amarapura lopen we over een 1200 meter houten U-Bein-brug naar mooie dorpjes aan de overkant. Later rijden we met een erg mooi uitgedoste paarden-kar via een zandweg naar de Sagaing heuvel waar we tientallen pagodes in een zeer pittoreske setting aanschouwen. Naast deze prachtige pagodes is ook het uitzicht vanaf de heuvel weergaloos mooi. Sagaing is een religieus centrum waar duizenden monniken en nonnen wonen.



Op de terugweg bezoeken we een goudslagerij alwaar we sterke jongens met zware hamers goud zien pletten tot vloeidunne plakjes. Het lijkt wel slavenarbeid uit vervlogen tijden. In een andere ruimte zijn meisjes bezig deze goudblaadjes te verpakken, een ietwat normalere bezigheid. Bij Boeddha-vereringen worden deze goudblaadjes als devotie op beelden geplakt.





De volgende dag rijden we met de bus naar Monywa. Het eerste gedeelte voert langs dorpen en vele Pagodes die over het landschap lijken uitgestrooid. Langs de kant van de weg proberen venters hun uitgestalde handelswaar luidkeels te slijten. Onderweg zien we vaak karrensporen waarover we regelmatig tergend langzaam de ossen met hun vrachtjes zien voortsjokken. We zijn hier echt in een andere wereld. Verderop deze tocht bezoeken we de kleurrijke en zeer bijzondere Thanboddhay Paya. Het is een groot tempelcomplex wat je nergens ter wereld tegenkomt. Opvallend zijn de creatieve vormen van de bouw in allerlei bonte kleuren waarin meer dan 500.000(!) Boeddhabeelden zijn ondergebracht. Het geheel is gelegen in een grote tuin vol banyan-bomen waarbij ook een 90 meter lang liggende Boeddha te zien is. Het geheel maakt op ons een onuitwisbare indruk.



Met de bus reizen we de volgende dag naar Pakkoku waar we zien hoe wierookstokjes worden vervaardigd. Het is een vredig dorpje waar we kennis maken met de echte inlandse bewoners. Erg vriendelijke mensen met wat schuwe kindertjes. Hier worden ook teenslippers gemaakt en dekens geweven. In de buitenwijken zijn, zoals in de meeste Birmese dorpjes, de huizen gebouwd van hout en bamboe.



Een prachtige boottocht op de Irrawady rivier brengt ons langs een adembenemend landschap naar de inmiddels steeds bekender wordende stad Bagan. Tezamen met de Borobodur en Angkor Wat vormen de Pagodes en tempels in Bagan een van de belangrijkste Boeddhistische bouwwerken ter wereld. Over ongeveer 40 km2 liggen hier honderden pagodes verspreid, veelal uit de periode tussen de 11e en de 13e eeuw. De stad is sinds 1287 verlaten en sinds die tijd zijn veel pagodes in verval geraakt. Er is echter veel bewaard gebleven en zorgvuldig en mooi gerestaureerd. Je kunt dit complex te voet alsook per fiets en zelfs per ossenkar bekijken waarbij wij voor een fietstocht kiezen. Een erg vermoeiende maar interessante en onvergetelijke onderneming. Er is ook een mogelijkheid om een ballonvaart over het complex te maken. In Bagan sliepen we twee dagen in een prachtig romantisch houten onderkomen met telkens 's-morgens een heerlijk buiten-ontbijt in de ochtendzon.



De volgende dag is een lange busreisdag. Het is beslist geen saaie dag omdat we onderweg van alles tegenkomen. We zien hoe de boeren de bomen inklimmen om palmsap te winnen waaruit later de palmsuiker wordt gewonnen. We maken een lang stop bij de Popa-berg die we ook beklimmen. Deze berg is de woonplaats van "nats" (bovennatuurlijke wezens). Onderweg naar de top komen we meerdere pelgrims tegen alsook brutale apen. Ook worden vaak geneeskrachtige kruiden aangeboden die net als vele bloemen op de vruchtbare berggrond groeien. We zien onderweg weer veel pagodes en op de top staan enkele prachtige gouden tempelcomplexen alwaar geofferd wordt om de Nats gunstig te stemmen. We overnachten in Kalaw waar we de volgende dag de omgeving gaan verkennen. We maken kennis met bergvolken die hier leven in hun oorspronkelijke klederdracht en soms nog in grote "longhouses" wonen.





We trekken verder door heuvelachtige gebieden, bezaaid met bloemen. In het dorpje Pindaya bezoeken we via een prachtig vergulde entree de bekende karststeen-grotten met duizenden eeuwenoude grote en kleine Boeddhabeelden die in de spelonken staan opgesteld. We gaan hier ook naar een werkplaats waar parasollen worden gemaakt van de bast van moerbeibomen en ien in omgeving veel oeroude bomen met erg grote vertakkingen. Na een erg mooie bustocht over het Birmese platteland langs rivieren en rijstvelden bereiken we het lieflijke stadje Nyaungshwe bij het grote Inle-meer.





Het Inle-meer is een van de mooiste plekjes in Myanmar en ligt ingeklemd tussen groene bergen. We maken hier een spectaculaire boottocht door sloten en kreken en bezoeken een drijvende markt in het plaatsje Ywama dat gedeeltelijk in het water ligt waarbij de woningen op palen zijn gebouwd. Het dagelijkse leven is hier geheel verweven met het meer. De boeren werken op drijvende akkertjes die ze met bamboestokken vastzetten en waarop ze tomaten en bloemen kweken. We varen langs de paalhuizen met houten bruggetjes en zien mooie waterhyacinten en zeldzame watervogels. Op het open water zien we de bekende "beenroeiers" waarbij de roeiers staande in hun bootje roeien, met een been om de roeispaan geslagen. Zo kunnen zij beter hun weg vinden door de drijvende vegetatie op het meer. Het vissen zelf wordt met grote kegelvormige visnetten gedaan. In het dorp worden door ijverige meisjes in een werkplaats sigaren gemaakt. Deze "waterdag" is voor ons een onvergetelijke bezienswaardigheid geworden. We verblijven hier enkele dagen in het alleraardigst dorpje met heerlijke restaurantjes en erg vriendelijke mensen zoals we dit hier overal meemaken. We overnachten in een knus romantisch hotelletje. We komen in de omgeving ook in contact met de bekenden Longnecks van de Padaungstam. Vanaf hun 4e jaar krijgen meisjes van deze stam een gouden ring rond hun nek waarna er elk jaar een wordt toegevoegd…







Met het vliegtuig vertrekken we later op de dag naar Bago, een van de vroegere hoofdsteden van Myanmar. We maken hier een nooit vervelende rondrit langs opnieuw enkele schitterende pagodes. Bijzonder mooi is de Shemawdaw-tempel met de gouden centrale pagode en een enorm groot Boeddhabeeld. De andere dag gaan we met de bus naar de heilige berg Kyaiktiyo. Na 5 uur rijden over slechte wegen bereiken we de voet van de berg in het basiskamp Kinpun. Vanaf hier beklimmen we de berg waarop ook ons hotel ligt. Je kunt ook met een truck naar boven maar wij als stoere toeristen, gebruiken deze alleen voor de bagage en klauteren stoer naar boven. Zieke en oude pelgrims worden tussen bamboestokken naar boven gedragen. Op de top van de berg bevindt zich een enorm rotsblok dat precies boven een steile afgrond balanceert. Deze rots is bedekt met bladgoud met er bovenop een gouden pagode. We genieten hier van het prachtige uitzicht op de omgeving en verblijven enige tijd op het mooi aangelegde terras terwijl de talrijke pelgrims rond de rots wandelen, zingen, offeren en kaarsen branden.



De volgende morgen genieten we in de opkomende zon opnieuw van een prachtig uitzicht waarna we met de truck naar beneden worden gebracht. Hier stappen we over op de bus voor de terugreis naar Yangon waar we nog enkele dagen verblijven om na te genieten van deze onvergetelijke trip in dit prachtige land. Een vliegtuig brengt me later terug naar Bangkok waar ik nog enige tijd zal verblijven.



© 2004-2015 Pieter Aarden
Op alle foto's en teksten op deze website berust © kopieerrecht.
Van deze website mag niets zonder schriftelijke toestemming worden overgenomen of gebruikt op welke wijze dan ook.

All photo and text used on this website is © copyrighted material, reproduction or usage without written permission is prohibited.


Bezoekers