Hoogtepunten China (2002)

Na vorig jaar met een reis naar Beijing een beetje aan China te hebben geproefd ga ik nu door het maken van een avontuurlijke rondreis in China nader kennis maken met zowel landschappelijke als culturele en historische hoogtepunten in dit onmetelijke land. VNC-travel organiseert al meer dan 30 jaar reizen naar China en mag met recht een specialist van China worden genoemd. Eerder had ik plannen om evenals bij een eerste bezoek aan China, de reis alleen te maken. Gezien het feit dat men op vele plaatsen vooral in het binnenland met de Engelse taal niet ver komt, heb ik ditmaal gekozen voor een min of meer georganiseerde rondreis. Het kenmerk van deze rondreis bestaat hieruit dat het ongebonden zijn voorop staat en alleen het vervoer naar en in China evenals de accommodatie georganiseerd is. In de praktijk komt het erop neer dat de meeste excursies gezamenlijk met de groep zullen worden gemaakt maar men blijft vrij om telkens een eigen plan te trekken. Tijdens de reis is een Nederlandse reisleidster aanwezig. Op het laatste moment krijgen we te horen dat onze vlucht zal worden omgeleid via Hongkong waar we een tussenstop hebben. Een binnenlandse vlucht zorgt voor verder vervoer naar de eindbestemming Beijing. We verblijven in Beijing in het Dongfang Hotel en omdat ik de enige alleenreiziger in het gezelschap van 15 personen ben, de rest zijn allemaal koppeltjes, krijg ik het luxe voordeel om tijdens de gehele reis over een eigen kamer (zonder toeslag) te beschikken. Aangezien we twee dagen in Beijing blijven geeft het vrije programma van deze reis mij de gelegenheid om een afspraak te maken met Shu Hong (zie mijn vorige reis naar Beijing). Deze afspraak regelde ik eerder vanuit Nederland per e-mail, zodat ik hier mijn Chinese kennis weer ontmoet. Het is een leuk weerzien en ze zal mij deze dagen vergezellen en andere plaatsen in Beijing laten zien waaraan ik de vorige keer niet toe kwam.



De eerste dag gaan Shu Hong en ik met de taxi naar het 12 km. buiten Beijing gelegen Zomerpaleis. Het ligt in een 280 ha. groot park en herbergt naast het paleis, veel tempels, pagoden en paviljoens. In het park bevindt zich ook het grote Kunmingmeer waar een Brug met Zeventien Bogen een verbinding maakt met het Zuidzee-eiland. In 1888 werd het paleis en het park door keizerin Cixi verder uitgebreid waarvoor de gelden kwamen uit het fonds bestemd voor de vernieuwing van de Chinese marinevloot. Getuige hiervan is de een marmeren praalboot aan de oevers van het meer. Eveneens is door de keizerin een prachtige 725 lange open houten galerij gebouwd, beschilderd met allerlei landschappen en voorstellingen uit Chinese legenden.

We gaan de volgende dag de 17de-eeuwse Lama tempel bezoeken alwaar de derde keizer van de Qing-dynastie, Yongzhen is geboren. Het enorme complex bestaat uit verschillende van hout gemaakte hallen met daarin wel 1000 kamers. Momenteel wonen er 15 Mongoolse en Tibetaanse Lama's die hier dagelijks hun diensten houden. In de laatste hal bevindt zich een enorm houten Boeddhabeeld gemaakt uit ÚÚn boom van sandelhout die als geschenk van de 7de Dalai Lama vanuit Tibet naar Beijing werd vervoerd. De makers deden er drie jaar over om dit enorme beeld te maken. Met grote onbegrijpelijke ogen ziet de niet gelovige Shu Hong in de tempel de devote verering aan van de vele Boeddhistische bezoekers. We gaan hierna naar de vlakbij gelegen tempel van de legendarische filosoof Confucius. De tempel werd in 1302 gebouwd door keizers van verschillende dynastieŰn als eerbetoon aan deze geleerde die leefde van 551 tot 479 v˛˛r Christus. Vanuit een klein huisje langs de weg hoor ik even later bekende Chinese muziek. Binnenkijkend word ik meteen uitgenodigd om verder te komen. We krijgen spontaan een heerlijk kopje Chinese thee aangeboden en ik geniet van onvervalste Chinese muziek die door enkele oudere buurtbewoners spontaan ten gehore wordt gebracht. Ze begeleiden zichzelf op traditionele instrumenten, een langwerpige klankkast met zeven snaren, een strijkinstrument en wat trommels. Vˇˇr hun staat een Chinese vrouw die het bekende en de door menigeen verfoeide hoge en schrille geluid naar voren brengt, maar doet dat zo ongebonden en puur dat ik even van dit muzikale tafereeltje geniet.



We gaan even bijkletsen in een nabij gelegen restaurantje en Shu Hong verteld me hier dat deze muziek niet haar voorkeur heeft, zoals dat bij de meeste Chinese jongeren het geval schijnt te zijn. Het is net als klassieke muziek die bij ons ook niet bij iedereen gewild is. In een discotheek gaan we hierna haar favoriete muziek beluisteren. Als herinnering koop ik hier een Cd-tje van het Chinese popsterretje Resa Teng maar ook een CD-tje met de vanmiddag gehoorde muziek en dat begrijpt Shu Hong, zeker als ik haar ook een CD-tje voor haar zelf laat uitkiezen... 's-Avonds bied ik Shu Hong en enkele van haar vrienden een afscheidsdineetje aan en maak me op voor vervolg van mijn reis door China met de groep waarmee ik morgen verder trek. We bezoeken die volgende dag Chengde, een noordelijk van Beijing gelegen stad waar de Keizers v˛˛r de Qingperiode hun zomerresidentie en jachtverblijf hadden. Onderweg bezoeken we de Chinese Muur bij Mutianyu. Men kan te voet via een steile klim of met een kabelbaantje naar boven gaan dus de keuze is gauw gemaakt. Tijdens mijn vorig bezoek aan China bezocht ik de muur bij de Badalingpas maar hier is het uitzicht vele malen mooier door de hogere ligging van de muur.



Chengde bezit verschillende, tegen een berghelling gebouwde bijzondere tempels waaronder als meest opvallende de nagebootste Potala tempel uit Tibet. We bezichtigen hier nog een drietal eveneens op Tibet ge´nspireerde prachtige tempels voordat we naar het hier aanwezige zomerpaleis gaan. Deze bestaat uit een bijna 6 ha groot complex van tuinen en meren, bruggen, pagoden, tempels en paleizen. In het paleismuseum zijn naast jade en porselein de draagstoelen te zien waarin de keizers vanuit Peking naar hier werden gebracht. De andere dag tijdens de terugweg naar Beijing, rijden we een hele tijd langs de muur die steeds op de hoogste toppen zichtbaar is. We gaan nog een ander gedeelte van de muur bezichtigen bij Gubeikou. Hier is de muur flink gerestaureerd en doordat we de enige toeristen zijn kunnen we nog meer genieten van dit prachtige bouwwerk. Even later arriveren we op het treinstation van Beijing waar we ons gereed maken voor de nachtreis naar Pingyao. Op het station kopen we wat broodjes voor nu en voor in de trein en wachten in de killig aandoende wachtruimte op kale blauwe stoelen voor het vertrek. Het inchecken en het vertrek gaat punctueel en op tijd. De zit-slaapcabines en de gangen in de trein zijn, mede door onze bagage erg klein maar we passen ons aan. Ondanks dat het een hele heksentoer is wurmt zich regelmatig het kantinewagentje met allerlei drank en lekkers door de gangen totdat de lichten doven en het snurken beginnen kan. Veel te vroeg worden we gewekt en er moet hard gewerkt worden om op tijd klaar te zijn. Ondanks het vroege uur is het een drukte van jewelste aan het station in Pingyao. We worden opgewacht door een aantal kleurrijke open wagentjes die ons naar een al even kleurrijk guesthouse brengen. Onderweg maken we op een wel heel speciale manier kennis met het openbare leven van deze plaats. We rijden langs een gierkar die bezig is huis aan huis de gier op te halen en juist op dat moment gaat een emmer met dat spul door de lucht de kar in. Enkele van ons maken kennis met de spetters maar ook met de geur en we moeten even naar adem happen. Het prachtige met rode lampions versierde guesthouse maakt echter alles weer goed. Aan een mooie binnenplaats liggen de sprookjesachtige kamers waarin een groot stenen bed staat opgesteld voor onze nachtrust. Ik heb weer geluk en krijg een 2-persoons kamer toegewezen waarvan ik dankbaar gebruik maak door het tweede deken als extra matras te gebruiken. De volgende dag bezoeken we het centrum van het stadje en ik geniet met volle teugen van al de schoonheid die deze stad te bieden heeft.



Pingyao is geheel ommuurd door een imposante dikke 6,5 km lange muur met op de vier hoeken machtige wachttorens. De huizen zijn uit de Ming periode 1368-1644 toen de stad het financiŰle centrum van China was maar daarna in de vergetelheid raakte. Door de armoede die hierna ontstond is de stad nooit gemoderniseerd waardoor bij toeval het authentieke bewaard is gebleven. Het staat nu geheel terecht op de lijst van Cultureel Wereld Erfgoed. De belangrijkste straat van de meer dan 100 klassieke straten is Nan Dajie waarin in het midden een prachtige markttoren het straatbeeld beheerst. Het gewone straatbeeld met voornamelijk voetgangers en soms een enkele fietser, wordt beheerst door de oude ambachten die hier nog met de hand worden uitgevoerd en voert je ongedwongen ver terug in het oude China van weleer.



We brengen hier enkele dagen door waarin we verder een oude tempel gaan bezichtigen. Op de terugweg naar ons hotel stuitten we op een lange en erg kleurrijke optocht. Het lijkt ons een bruiloft maar blijkt een begrafenis te zijn. Waarschijnlijk van een belangrijke persoon gezien de lengte van de optocht maar vooral de grote verscheidenheid van kleurrijke muziek- en andere gezelschappen waarin verder van alles en iedereen meeloopt.

Met opnieuw een nachttrein gaan we de volgende dag naar Xian. In het hotel komt iemand van ons gezelschap tot de benauwde ontdekking dat hij een tasje waarin paspoort en geld, in de trein heeft laten liggen. Die is inmiddels doorgereden en de gids gaat meteen aktie ondernemen maar geeft weinig kans van slagen. Een dag later komt er echter goed bericht. Het tasje blijkt gevonden en de gelukkige toerist kan zijn tasje met inhoud een dag later op het station ophalenů Xian was ooit de grootste stad van de wereld en in die jaren het Oostelijk eindpunt van de Zijderoute waarover handel werd gedreven met de Arabische wereld en Europa. De stad is ommuurd met een 14 km. lange en 12 meter hoge indrukwekkende stadsmuur en heeft 4 versterkte poorten. Als de stadspoorten dichtgingen werden in de grote trommeltoren de trommels geslagen. Zo is er ook een even grote houten klokkentoren die in de 14e eeuw zonder spijkers in elkaar is gezet en waaruit in die periode op gezette tijden belangrijke gebeurtenissen met klokgelui werden aangekondigd.



In het hart van de hier sinds die tijd ontstane Moslimwijk staat in een prachtige tuin de grootste Moskee van China, gebouwd in 742. Verder is er een mooie Pagode uit 652 en een museum vol kunstschatten. Maar het meest bekend van Xian is toch het enorme grafcomplex van de eerste keizer Qin met het wereldberoemde 6000 manschappen groot grafleger. Je komt hier toch wel even onder de indruk bij het zien van dit fabuleuze terracottaleger, compleet met paarden en strijdwagens dat zo'n 2200 jaar geleden gebouwd werd en gedurende die tijd o.a. door de hier veel voorkomende zandstormen uit het Noordelijk woestijngebied, geheel onder het zand verborgen is geraakt. Pas in 1974 werd dit enorme leger bij toeval ontdekt door boeren tijdens het graven van een waterput en men is nu nog bezig het blootleggen hiervan.



De laatste avond in Xian gaan we naar een Dim-Sum-huis om voor de meeste van ons voor de eerste keer met dit typisch Chinees gerecht kennis te laten maken. Bij Dim-Sum wordt het eten in honderden verschillende vullingen zoals garnalen, varkensvlees en zoete puree in bamboemandjes gestoomd waarbij een pittig drankje voor het juiste culinaire genot zorgt. Met een bezoek aan een kleurrijke Chinese dansgala wordt deze avond besloten. De volgende dag brengt de bus ons naar Huashan waar we de verdere dag doorbrengen en van waaruit we de andere dag opnieuw door de bus via een steile klim naar een van de Vijf Heilige Bergen worden gereden. Het bergmassief bestaat uit scherpe kliffen en schilderachtige pieken die tot 2200 meter hoogte reiken. Men kan hier zowel via een stevige klim als met een kabelbaan het hoogste punt bezoeken. Van beide mogelijkheden wordt gebruik gemaakt. Voor het vervolg van ons uitvoerig reisprogramma gaan we terug naar Xian om hier in het vliegtuig te stappen die ons naar het in Zuid China gelegen Guilin brengt. Het is tevens de eerste regendag en we zijn blij dat we deze dag reizend doorbrengen. Na aankomst met het vliegtuig worden we opgewacht en gaan met de bus naar het midden in het prachtige Karstgebergte gelegen Yangshuo.



We ontwaken de volgende morgen in een werkelijk schilderachtige omgeving. Er volgt een dag van verpozing. Sommige huren een fiets en trekken de rijstvelden in, anderen gaan naar de markt en weer anderen bezoeken het mooie rustieke stadje en maken kennis met het eigene van dit rustiek in het dal gelegen stadje. Ik bezoek de markt en geniet van de vele mij totaal onbekende groenten en vruchten en de plaatselijke eetgewoontes. Ik laat deze dag ook mijn inmiddels stukgelopen schoenen repareren bij een schoenmaakster langs de weg.



Voor de volgende dag is er een gezamenlijke bustocht georganiseerd en maken vervolgens een boottocht op de prachtige brede Li-rivier met links en rechts de groene rotsformaties van het Karstgebergte. In de donkerte van de avond gaan we opnieuw het water op en maken kennis met de hier nog gebruikelijke manier van vissen. De vissers gaan met grote vogels (aalscholvers) op dunne bamboevlotten de rivier op waarbij de aalscholvers de vissen vangen. Doordat de keel gedeeltelijk is afgebonden wordt de vis daarna uit de bek van de aalscholvers gehaald en zo wordt hier sinds mensenheugenis de vis gevangen. Na deze enerverende dagen stappen we een dag later opnieuw het vliegtuig in voor een vlucht die ons naar Shanghai zal brengen. Op het vliegveld aangekomen vertrekken we meteen per bus naar het lieflijke Suzhou waar ik met meer dan gewone belangstelling naar heb uitgekeken. Suzhou werd niet voor niets door Marco Polo het "VenetiŰ van het Oosten" genoemd. Het is een stad van grachten en tuinen en een oud Chinees gezegde luidt: In de hemel ligt het Paradijs, op aarde ligt Suzhou. Meer dan 100 beroemde klassieke tuinen uit de Ming-dynastie liggen hier verspreid door de stad, waarvan helaas slechts enkelen zijn te bewonderen.



De tuinen, sommigen wel 5 ha groot, zijn veelal opgebouwd uit grote rotspartijen en prachtige Chinese paviljoens met uitgestrekte vijvers waarin vele eilandjes, te bereiken via sierlijke bruggetjes en natuurstenen voetpaadjes. Dit alles opgefleurd met verschillende soorten bamboebosjes en een keur aan tropische planten en bloemen. Het verblijf in Suzhou is voor mij te kort om alles te kunnen bezichtigen maar het plan om hier ooit terug te keren is door mij alweer gemaakt. We gaan terug naar Shanghai, de grootste stad van China waar de groep nog twee dagen zal verblijven in het luxe Zhongya Hotel. Ikzelf blijf hier nog een week langer om Shanghai wat beter te leren kennen. Zo maak ik gebruik van de moderne ondergrondse metro om een bezoek te brengen aan het sjieke winkelcentrum in Nanjing Dong, de Kalverstraat van Shanghai, waar het de hele dag spitsuur is. Voor de nostalgie breng ik een bezoek aan het Peace Hotel waar je nog de juiste sfeer kunt proeven van de vroegere Engelse periode en ik bezoek het eerste koloniale hotel van China het Pujiang hotel waar Einstein al eens sliep. Ik loop over De Bund, een van de stijlvolste promenade ter wereld en gelegen langs de brede rivier de Huangpu en bezoek met de ondergrondse metro het aan de overkant van de rivier gelegen Pudong, het nieuwe Shanghai. In korte tijd is deze plek uitgegroeid tot een van de grootste zakencentra van China waar de een na andere wolkenkrabber verrijst naast de beeldbepalende TV-mast en van waaruit men een mooi uitzicht heeft op De Bund. Ik ga deze week ook een bezoek brengen aan het oude stadsgedeelte. Door nauwe straatjes, ook wel Yuyuan Bazaar genoemd, loop ik hier naar het prachtige theehuis waar alle grootheden der aarde die Shanghai ooit bezochten, geweest zijn.



Het theehuis is te bereiken via een zigzagbrug met negen hoeken, ooit zo gemaakt om boze achtervolgende geesten op een dwaalspoor te brengen. Achter het theehuis ligt de Yu-tuin, in 1577 aangelegd door de toenmalige mandarijn en de enige klassieke Chinese tuin in Shanghai. De tuin is een oase van rust en schoonheid en geeft een perfect voorbeeld van een wereld in microkosmos. Er bevinden zich meer dan 30 paviljoens en een labyrint van paden, trapjes en gangen en herbergt de oudste boom, een 400(!) jaar oude ginkgoboom. Op het Volksplein ga ik een kijkje nemen in het nieuwe Shanghai Museum wat in een prachtig nieuw gebouw is ondergebracht. Het heeft een uitzonderlijke collectie historische kunstvoorwerpen en omvat naast bronzen werktuigen en siervoorwerpen ook een uitgebreide collectie porselein, schilderingen, kalligrafie en klederdrachten.

In het Noord-Westen van Shanghai bezoek ik de Jade-tempel die uit diverse in elkaar overlopende gebouwen bestaat en waar drie houten met bladgoud belegde boeddhabeelden te bezichtigen zijn. Via een vrij steile houten trap kom ik in een sfeervolle ruimte waarvoor ik om deze te betreden, eerst sloffen moet aantrekken. Hier bevind zich een 1000 kg wegende zittende boeddha ingelegd met edelstenen. Tal van bezoekers steken hier een wierookstokje voor de Boeddha aan.



Op het tempelterrein beneden bevind zich naast souvenirwinkeltjes een antiekwinkel die door hier nog wonende monniken wordt gedreven. Ook voor mij komt de dag van vertrek maar met het gevoel dat deze trip mij rijker heeft gemaakt vlieg ik tevreden huiswaarts.

© 2004-2015 Pieter Aarden
Op alle foto's en teksten op deze website berust © kopieerrecht.
Van deze website mag niets zonder schriftelijke toestemming worden overgenomen of gebruikt op welke wijze dan ook.

All photo and text used on this website is © copyrighted material, reproduction or usage without written permission is prohibited.


Bezoekers